**1..** Bij het beschikbaar komen van een vaste-standplaatsvergunning vanwege het einde van de vergunningsduur kunnen burgemeester en wethouders of de bevoegde marktorganisatie, de procedure van verlenging na afroep toepassen, als voldoende aannemelijk is dat er naast de betreffende vergunninghouder geen andere gegadigden voor deze vergunning zijn.
**2..** Bij de verlenging na afroep maken burgemeester en wethouders of bevoegde marktorganisatie, acht weken voor het einde van de duur van de vaste-standplaatsvergunning door een openbare kennisgeving via de gemeentelijke kanalen bekend dat deze vergunning beschikbaar komt voor de duur van vijftien jaar.
**3..** Bij deze openbare kennisgeving worden gegadigden uitgenodigd om hun belangstelling voor de vaste-standplaatsvergunning binnen vier weken na de kennisgeving kenbaar te maken op de door burgemeester en wethouders of bevoegde marktorganisatie aangegeven wijze.
**4..** Als binnen de gestelde termijn alleen de betreffende vergunninghouder belangstelling kenbaar heeft gemaakt en is voldaan aan het bij of krachtens deze verordening bepaalde, verlengen burgemeester en wethouders of de bevoegde marktorganisatie, zijn vaste-standplaatsvergunning met de in het tweede lid genoemde duur.
**5..** Als binnen de gestelde termijn naast de betreffende vergunninghouder ook één of meer andere gegadigden belangstelling kenbaar hebben gemaakt, wordt de vergunning niet automatisch verlengd. In dat geval passen burgemeester en wethouders of de bevoegde marktorganisatie de in het inrichtingsplan vastgelegde procedure van de artikel 10 toe, met uitzondering van het tweede lid.
**6..** In het in het vijfde lid bedoelde geval stellen burgemeester en wethouders of de bevoegde marktorganisatie de gegadigden ervan in kennis dat de procedure van de artikel 10 wordt toegepast en dat zij vóór de door burgemeester en wethouders of bevoegde marktorganisatie genoemde datum een aanvraag kunnen indienen.