Naar hoofdinhoud

Artikel 5.

Inspanningen van de persoon

Onderdeel van Beleidsregels individuele inkomenstoeslag Participatiewet

1.. Er is sprake van onvoldoende inspanningen om tot inkomensverbetering te komen als bedoeld in artikel 36, lid 2, sub b, van de wet, wanneer: de persoon in de periode van 12 maanden onmiddellijk voorafgaand aan de maand van aanvraag een boete- en/of maatregelwaardige gedraging in de zin van de Participatiewet / Wet werk en bijstand, Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers of de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen heeft gepleegd op grond waarvan een maatregel en/of boete is opgelegd, waarbij een opgelegde boete of maatregel in de vorm van een waarschuwing in dit kader buiten beschouwing blijft; de persoon in de referteperiode langer dan 180 dagen rechtens van zijn vrijheid beroofd is geweest. 2.. Van onvoldoende inspanningen om tot inkomensverbetering te komen is eveneens sprake wanneer dit in andere situaties als in het vorige lid gesteld, onomstotelijk kan worden vastgesteld.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel