Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3 › Paragraaf 3.3

Artikel 3.3.6

Kilometerbudget

Onderdeel van Beleidsregel jeugdhulp en maatschappelijke ondersteuning gemeente IJsselstein 2025

Het kilometerbudget betreft het aantal kilometers dat een inwoner in één jaar maximaal tegen gereduceerd tarief op vertoon van de Wmo-vervoerspas met de Regiotaxi kan reizen. Er wordt een onderscheid gemaakt tussen een klein midden en een groot kilometerbudget. Het oordeel van het Sociaal Team om een klein, midden of een groot kilometerbudget toe te kennen, hangt af van: De vervoersbehoefte in relatie tot het vervoersprobleem van de inwoner en het doel waarvoor de maatwerkvoorziening wordt toegekend De mate waarin de ondersteuningsvraag op eigen kracht, met gebruikelijke hulp, hulp van personen uit het sociaal netwerk, algemeen gebruikelijke, andere en/of algemene voorzieningen kan worden opgelost Eventuele andere maatwerkvoorzieningen Wmo ‘Vervoer’ die zijn of worden toegekend Voor het vaststellen van de hoogte van het kilometerbudget, hanteert het Sociaal Team onderstaande tabel als richtlijn. Kilometers die in een jaar niet worden benut, kunnen niet worden toegevoegd aan het budget van het jaar daarop. Soort kilometerbudget Omschrijving Klein (0-300 kilometer per jaar) Inwoner is slechts sporadisch afhankelijk van de regiotaxi. Inwoner is in staat middellange afstanden grotendeels op eigen kracht af te leggen en/of daarvoor gebruik te maken van voorzieningen. Midden (300- 750 kilometer per jaar) Inwoner is deels afhankelijk van de regiotaxi. Inwoner kan (delen van de) afstanden afleggen op eigen kracht en/of gebruik te maken van voorzieningen, maar is voor (delen van de) afstanden ook afhankelijk van de regiotaxi. Inwoner beschikt over een maatwerkvoorziening Vervoer waarmee (delen van de) afstanden kunnen worden afgelegd. Denk aan een aangepaste fiets/ scootmobiel. Groot (750-1.500 kilometer per jaar) Inwoner is volledig afhankelijk van de regiotaxi. Bijvoorbeeld als gevolg van zijn beperkingen of omdat hij geen of slechts in beperkte mate gebruik kan maken van voorzieningen en reist regelmatig. Wanneer een inwoner gedurende de looptijd van beschikking van mening is dat het budget niet toereikend is, dan is het aan de inwoner om aan de hand van concrete en verifieerbare gegevens aan te tonen dat hij een groter kilometerbudget nodig heeft. Te denken valt aan extra reisbewegingen in verband met opname van een partner in een instelling of intensieve mantelzorg. Dan kan er een passend kilometerbudget worden toegekend in overleg met de kwaliteitsmedewerker.

Rechtspraak bij dit artikel