De hoogte van de individuele bijzondere bijstand alleenverdienersproblematiek wordt als volgt bepaald:
voor het toeslagenjaar 2022:
het bedrag aan zorg- en/of huurtoeslag wat de Belastingdienst-Toeslagen van het gezin terugvordert of verrekent ten gevolge van deze problematiek.
voor het toeslagenjaar 2023 :
het verschil tussen het bedrag aan huur- en zorgtoeslag waarop een gezin met uitsluitend algemene periodieke bijstand in een toeslagenjaar recht heeft uitgaande van de huurlasten op 1 juli 2023, en het bedrag aan huur- en zorgtoeslag waarop het gezin volgens de beschikking van de Belastingdienst-Toeslagen recht heeft.
Het recht op bijzondere bijstand wordt beoordeeld op basis van:
De definitieve beschikking Belastingdienst-Toeslagen over het jaar 2023.
voor het toeslagenjaar 2024:
het verschil tussen het bedrag aan huur- en zorgtoeslag, kinderopvangtoeslag en/of kindgebonden budget waarop een gezin met uitsluitend algemene periodieke bijstand in een toeslagenjaar recht heeft uitgaande van de huurlasten op 1 juli 2024 en het bedrag aan huur- en zorgtoeslag, kinderopvangtoeslag en/of kindgebonden budget waarop het gezin volgens de beschikking van de Belastingdienst-Toeslagen recht heeft.
Het recht op bijzondere bijstand wordt beoordeeld op basis van:
De voorlopige beschikking Belastingdienst-Toeslagen over het jaar 2024.
Voor de berekening van het recht op bijzondere bijstand als bedoeld in lid 1 wordt gebruik gemaakt van de proefberekening Dienst Toeslagen. Bij de te maken vergelijking tussen de aan aanvrager feitelijk toegekende toeslagen met die van een gezin wat in een toeslagenjaar uitsluitend algemene bijstand (heeft) ontvang(t)en, wordt bij de uitvraag van het toetsingsinkomen in de proefberekening uitgegaan van het toetsingsinkomen voor een vergelijkbaar bijstandsgezin. Als er in een toetsingsjaar per 1 januari en/of 1 juli sprake is van medebewoners vanaf 27 jaar wordt uitgegaan van het belastbaar jaarinkomen rekening houdend met kostendelersnorm zoals bedoeld in artikel 22a van de wet.
De bijzondere bijstand waarop recht bestaat wordt per toeslagenjaar als één bedrag toegekend en uitgekeerd.
Als in het toeslagenjaar waarop de aanvraag bijzondere bijstand betrekking heeft, sprake was van fiscaal partnerschap maar door verbreking van die relatie dat fiscaal partnerschap niet meer bestaat, dan wordt de bijzondere bijstand waarop beide ex-fiscaal partners in dat betreffende toeslagenjaar gezamenlijk recht hebben, voor 50% uitbetaald aan ieder van hen. Als de (ex)partner overleden is, krijgt de aanvrager 100% uitgekeerd.
Artikel 4.
Hoogte van het bedrag en wijze van uitbetaling
Onderdeel van Beleidsregels bijzondere bijstand alleenverdienersproblematiek 2022, 2023 en 2024, gemeente Oosterhout