Naar hoofdinhoud
1.. De incasso van de eerste termijn vindt een maand na dagtekening van het aanslagbiljet plaats en de volgende termijnen telkens een maand later. 2.. Het aantal incassotermijnen is gelijk aan het aantal maanden dat resteert in het kalenderjaar, maar bestaat uit minimaal één en maximaal negen termijnen. 3.. In afwijking van het tweede lid bestaat voor een aanslagbiljet met een dagtekening in de laatste maand van een kalenderjaar de incasso uit één termijn die geïncasseerd wordt in de eerste maand van het volgend kalenderjaar. 4.. De automatisch incasso vindt plaats omstreeks de vervaldagen als vermeld op het aanslagbiljet. 5.. De incassant incasseert het termijnbedrag op of omstreeks de laatste werkdag van de maand, maar niet eerder dan in de laatste week van die maand en niet later dan in de eerste week in de eerstvolgende maand. 6.. Het is niet mogelijk individuele afspraken te maken over het tijdstip van incasseren.

Rechtspraak bij dit artikel