Algemene uitgangspunten bij de aanleg van inritten:
Voor iedere inrit dient een omgevingsvergunning te worden aangevraagd. Indien mogelijk dient de vergunning gelijktijdig met de omgevingsvergunning activiteit bouwen te worden aangevraagd;
Legeskosten ten behoeve van de vergunning komen voor rekening van de aanvrager;
De kosten ten behoeve van de aanleg van de inrit (inclusief eventuele extra maatregelen zoals verplaatsen van een lichtmast, kolken, straatmeubilair, groenvoorziening en kabels en leidingen) bedragen € 160,- (exclusief B.T.W., prijspeil 2017) per strekkende meter breedte van de aan te leggen nieuwe inrit. Dit bedrag wordt jaarlijks geïndexeerd met de index welke gebruikt wordt bij het opstellen van de begroting (afkomstig uit de jaarlijkse mei-circulaire van het Rijk)
De kosten onder b. en c. worden in rekening gebracht bij de aanvrager, tenzij:
Er sprake is van een reconstructie of (her)inrichting of
Er sprake is van een nieuwbouwlocatie waarbij de fase woonrijp maken nog is afgerond;
Onderhoud aan inritten op gemeentegrond geschiedt door de gemeente.
Hoofdstuk 9 › Paragraaf 4
Artikel 4.1
Algemeen
Onderdeel van BOPA-Beleid gemeente Krimpenerwaard 2025