Zoals hiervoor is aangegeven moeten reserves en voorzieningen altijd een doel dienen. Naast het doel hebben reserves en voorzieningen ook een bepaalde functie. In zijn algemeenheid onderscheiden wij de verschillende functies.
Reserves kunnen de volgende functies hebben:
o Bufferfunctie: dit is de belangrijkste functie van het eigen vermogen. De algemene reserve dient als bufferfunctie om onvoorziene financiële tegenvallers op te vangen. Deze functie heeft een sterke relatie met het weerstandsvermogen.
o Financieringsfunctie: door reserves en voorzieningen te gebruiken als eigen financieringsmiddel hoeft er geen Vreemd vermogen geleend te worden.
o Bestedingsfunctie: geldmiddelen worden vanwege bestuurlijke keuzes gereserveerd voor de realisatie van specifieke activa/projecten. Voor de toekomstige realisatie hiervan wordt gespaard.
o Dekkingsfunctie: de reserve wordt aangewend voor dekking van bestaande exploitatielasten. Een bestemmingsreserve met een dekkingsfunctie kan alleen worden aangewend voor het “dekkingsdoel” waarvoor het is ingesteld. Bij het wijzigen van de bestemming ontstaat een tekort op de exploitatie, waarvoor aanvullende dekkingsmiddelen aangewezen moeten worden.
Voorzieningen hebben de volgende functie:
o Verplichtingenfunctie: een voorziening heeft een karakter van een verplichting die de gemeente is aangegaan en waarvoor de benodigde middelen beschikbaar moeten zijn (bijvoorbeeld pensioenverplichtingen).
o Egalisatiefunctie: pieken en dalen van kosten en opbrengsten worden opgevangen voor een gelijkmatige verdeling hiervan over een aantal begrotingsjaren heen. Dit gebeurt vooral om ongewenste schommelingen (pieken en dalen) in het onderhoud te voorkomen.
Hoofdstuk 2.
Artikel 2.6
Functies van reserves en voorzieningen
Onderdeel van Nota reserves en voorzieningen 2024 – 2027 Gemeente Veere