De provincie en het rijk leggen de gemeenten geen norm op voor de hoogte van de ratio weerstandsvermogen. Hierin heeft elke gemeente dus keuzevrijheid. Voor het bepalen van de norm van de ratio weerstandsvermogen hanteren we de volgende schaalverdeling gebruikt:
Klasse
Ratio weerstandsvermogen
Betekenis
A
> 2,0
uitstekend
B
1,4 - 2,0
ruim voldoende
C
1,0 - 1,4
voldoende
D
0,8 - 1,0
matig
E
0,6 - 0,8
onvoldoende
F
< 0,6
ruim onvoldoende
We sturen op de aanwezigheid van een ratio weerstandsvermogen binnen de grenzen van klasse B “ruim voldoende” (in de bandbreedte van 1,4 tot 2,0). Door een te laag niveau van het weerstandsvermogen komt de financiële robuustheid in het geding en een te hoog niveau beklemt onnodig de bestedingsruimte.
Bij een ratio weerstandsvermogen van 2,0 bedraagt het beschikbare weerstandsvermogen 200% van de omvang van de gekwantificeerde risico’s. Indien de ratio weerstandsvermogen zich beneden de ondergrens van 1,4 begeeft dan wordt door het college onderzocht of maatregelen noodzakelijk dan wel wenselijk zijn en wordt dit aan de raad voorgelegd. De algemene reserve dient dan op een zo kort mogelijke termijn ten laste van de exploitatie aangevuld te worden tot dat tenminste de ratio van 1,4 weer bereikt wordt. Als dat niet haalbaar blijkt dan moet dat in ieder geval binnen de periode van de meerjarenraming gerealiseerd worden.
In onderstaand overzicht wordt de prognose van de ratio weerstandsvermogen over de bestaande planperiode weergegeven. De ratio is meer dan ruim voldoende om de risico’s op te kunnen vangen.
2023
2024
2025
2026
2027
Gemiddelde weerstandscapaciteit
22.500
22.575
22.561
22.640
22.640
Risico-omvang per september 2023
4.787
4.778
4.778
4.778
4.778
Weerstandsratio
4,7
4,8
4,8
4,8
4,8
Weerstandsratio programmabegroting 2024 (bedragen x € 1.000).
Hoofdstuk 4
Artikel 4.2
Streefwaarde voor de ratio weerstandsvermogen
Onderdeel van Nota reserves en voorzieningen 2024 – 2027 Gemeente Veere