Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 9. › Paragraaf 9.1.

Artikel 9.1.3.

Kantoren, ruimten en faciliteiten beveiligen

Onderdeel van Informatiebeveiligingsbeleid 2024-2027

Fysieke beveiliging Voor kantoren, ruimten en faciliteiten zijn maatregelen ontworpen en vastgelegd in het fysieke beveiligingsplan van de gemeente. De beveiliging van faciliteiten dient in het fysieke beveiligingsplan minimaal de volgende elementen te bevatten: Faciliteiten Faciliteiten die toegang geven tot gemeentelijke informatie met classificatie niveau ‘Laag’ of hoger, of deze informatie bevatten, dienen minimaal te zijn gelegen in zone 3; Faciliteiten die gemeentelijke informatie bevatten met classificatie niveau ‘Hoog’ dienen te zijn gelegen in zone 4; Locaties van faciliteiten die informatie bevatten of verwerken dienen enkel kenbaar gemaakt te worden aan medewerkers geautoriseerd voor die specifieke informatie; Adresboeken, interne telefoonboeken en niet publiekelijke e-mailadressen zijn niet vrij toegankelijk voor onbevoegden; Niet uitgegeven toegangsmiddelen die toegang geven tot zone 3 worden zodanig veilig opgeborgen dat deze enkel toegankelijk zijn voor medewerkers van Facilitaire Zaken die de toegangsmiddelen uitgeven en de teamleider van Facilitaire Zaken is verantwoordelijk voor het toezicht hierop; Niet uitgegeven toegangsmiddelen die toegang geven tot zone 4 worden zodanig veilig opgeborgen dat deze enkel toegankelijk zijn voor de strategisch manager verantwoordelijk voor de teams in zone 4; Niet uitgegeven toegangsmiddelen die toegang geven tot de bij zone 3 genoemde brandkasten dienen enkel toegankelijk te zijn voor de teamleider verantwoordelijk voor de in de brandkast opgeslagen informatie; Niet uitgegeven toegangsmiddelen die toegang geven tot de bij zone 4 genoemde kluizen dienen enkel toegankelijk te zijn voor de teamleider verantwoordelijk voor de in de die specifieke kluis opgeslagen informatie; De toegangsmiddelen zijn ingericht op basis van een sleutelplan en vallen onder de procedure ‘Sleutelbeheer’ waarvoor de teamleider Facilitaire Zaken verantwoordelijk is. Ruimten Werkplekken die zichtbaar zijn vanuit de publieke ruimte dienen te worden voorzien van maatregelen die de zichtbaarheid dusdanig belemmeren dat de werkplek niet meer zichtbaar is; Ruimten waarin gewerkt wordt met informatie met classificatieniveau ‘Laag’ of hoger dienen zodanig ingericht te zijn dat wordt voorkomen dat vanuit publiek beschikbare ruimten informatieoverdracht of activiteiten hoorbaar of zichtbaar zijn. Referentie: BIO versie 1.04zv beheersmaatregel 11.1.3 en 11.1.3.1.

Rechtspraak bij dit artikel