Naar hoofdinhoud

Artikel 6

Verdeelsleutel subsidieplafond

Onderdeel van Subsidieregeling Maatschappelijke initiatieven Werk, Participatie en Inkomen

1.. Het college beoordeelt na ontvangst van een aanvraag voor een subsidie of de gevraagde subsidie zou kunnen worden verleend of wordt geweigerd op grond van artikel 10, eerste lid. 2.. De aanvragen die niet worden geweigerd, worden onderling vergeleken en gerangschikt op basis van de criteria uit het derde lid. Hierbij worden afzonderlijke activiteiten van vergelijkbare aard met elkaar vergeleken waarbij rekening wordt gehouden met de coalitiewens Ongelijk Investeren voor Gelijke Kansen. Dat betekent dat initiatieven in Stadsdeel Noord voorrang kunnen krijgen. 3.. De rangschikking wordt bepaald op basis van de volgende criteria en de mate waarin: het initiatief bijdraagt aan de doelstelling om meer Amsterdammers stappen te laten zetten richting werk of opleiding; het initiatief lokaal is ingebed; het initiatief bereik heeft onder Amsterdammers zonder werk of opleiding en deze effectief weet te bereiken en te betrekken; het initiatief werkt met een integrale aanpak; de kosten van het initiatief in verhouding staan tot de verwachte baten, waarbij gekeken wordt naar de effectiviteit en impact van de activiteiten op de doelstelling; het initiatief de kwaliteit van begeleiding waarborgt. 4.. Per criterium kan nul tot en met vijf punten worden gehaald. De criteria in het derde lid wegen even zwaar, met uitzondering van de criteria lokale inbedding, bereik en integrale aanpak. Voor deze criteria moet minimaal 3 punten worden verkregen, anders wordt de aanvraag geweigerd. 5.. Indien verschillende aanvragen op hetzelfde aantal punten uitkomen en door honorering van deze aanvragen het subsidieplafond wordt overschreden, komen het eerst in aanmerking de aanvragen voor activiteiten uit te voeren in Stadsdeel Noord.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel