Het uitgangspunt is dat alle vorderingen worden geïnd. Er zijn situaties mogelijk waarbij invordering niet (doelmatig) mogelijk is volgens gemeentelijk beleid (o.a. hardheidsclausule), en tenzij wet- en regelgeving zich hiertegen verzet.
Onderstaande opsomming is niet limitatief
Denk hierbij aan:
Faillissement
Vertrokken met onbekende bestemming
Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen
Overleden, erven onbekend of erfenis verworpen
Opbrengst weegt niet op tegen de kosten
Minnelijke schuldregeling (finale kwijting)
De medewerker(s) die belast zijn met de invordering kan een voorstel doen tot afboeking van de vordering. Hierbij kan de beoordeling van het incassobureau of gerechtsdeurwaarder worden gebruikt als onderbouwing. Dit voorstel moet worden beoordeeld en goedgekeurd door de Senior Medewerker Financiële Administratie ( volgens geldend mandaatregister) alvorens deze wordt voorgelegd aan de directie, gemandateerd aan MT leden. Dit proces gebeurt minimaal halfjaarlijks.