De melder is niet verplicht om een melding van een vermoeden van een misstand eerst intern te melden. Hij kan daarvan ook direct een externe melding doen. Verder kan de melder ook kiezen voor een externe melding als hij:
het niet eens is met het standpunt van de werkgever of van oordeel is dat de melding ten onrechte terzijde is gelegd of onvoldoende onderzocht is; of
niet binnen drie maanden na de verzending van de ontvangstbevestiging van zijn melding een standpunt heeft ontvangen over zijn interne melding.
Externe meldingen kunnen gedaan worden bij een bevoegde autoriteit. Bevoegde autoriteiten zijn in elk geval:
de Autoriteit Consument en Markt (ACM) (www.acm.nl);
de Autoriteit Financiële Markten (AFM) (www.afm.nl);
de Autoriteit persoonsgegevens (AP) (www.autoriteitpersoonsgegevens.nl);
De Nederlandsche Bank N.V. (DNB) (www.dnb.nl);
het Huis voor Klokkenluiders (www.huisvoorklokkenluiders.nl);
de Inspectie gezondheidszorg en jeugd (IGJ) (www.igj.nl);
de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) (www.nza.nl);
de Autoriteit Nucleaire Veiligheid en Stralingsbescherming (ANVS) (www.autoriteitnvs.nl);
bij algemene maatregel van bestuur of ministeriële regeling aangewezen organisaties en bestuursorganen, of onderdelen daarvan, die taken of bevoegdheden hebben op een van de gebieden, genoemd in artikel 2, eerste lid, van de richtlijn.
Op de websites van de bevoegde autoriteiten staat de procedure voor het doen van een externe melding. Dit kan in ieder geval:
schriftelijk;
mondeling via de telefoon of andere spraakberichtsystemen, of
op verzoek van de melder binnen een redelijke termijn door middel van een gesprek op een locatie.
Indien nodig kan de melder, degene die deze persoon bijstaat en een betrokken derde bij de afdeling advies van het Huis voor Klokkenluiders informatie inwinnen over het doen van een externe melding en de keuze voor de bevoegde autoriteit.
Artikel 8
Externe melding
Onderdeel van Regeling melden vermoeden misstand en inbreuk op Unierecht gemeente Bunnik 2024 (Klokkenluidersregeling)