Het college verstrekt uitsluitend subsidies voor activiteiten die onderbouwd bijdragen aan de in deze subsidieregeling opgenomen beleidsdoelen. Deze doelen dienen in samenhang met de door de gemeenteraad vastgestelde geldende beleidskaders, ambities, beleidsdoelen, uitgangspunten et cetera te worden bezien. De voor deze subsidieregeling relevante beleidskaders betreffen in ieder geval:
Sociaal Kompas 2017-2020 (1821889)
Aanscherping Sociaal Kompas (2217)
Visie op de sociale basis (3898)
Koersbrief Wmo-beleid (3121)
Meerjarenplan LHBTI+ (3291)
Bestedingsplan langer zelfstandig wonen (3831)
Plan van Aanpak Gezond en Actief Leven Akkoord (3482)
Het college kan, overeenkomstig artikel 7, tweede lid van de Asv, binnen deze subsidieregeling een eenjarige of meerjarige subsidie verstrekken voor:
Activiteiten gericht op algemene ondersteuning: gericht op het in staat stellen van inwoners om zelf keuzes te maken en regie te voeren over het eigen leven, door het bieden van informatie, advies en tijdelijke, laagdrempelige ondersteuning. Activiteiten die in ieder geval in aanmerking kunnen komen voor subsidiëring, zijn:
Algemeen maatschappelijk werk, waarbij subsidie kan worden verleend voor maximaal 48 aaneengesloten maanden;
Organisatie en coördinatie van het Sociaal Servicepunt, waarbij subsidie kan worden verleend voor maximaal 36 aaneengesloten maanden en onder aansturing van 1 penvoerder. Het Sociaal Servicepunt moet minimaal het volgende aanbieden:
Heldere en eenvoudige informatie, advies en algemene laagdrempelige ondersteuning op breed sociaal gebied, zowel fysiek (op meerdere inlooppunten in de gemeente), online als telefonisch. Daarbij moet tevens gesignaleerd worden of en zo ja, welke maatschappelijke ondersteuning een inwoner nodig heeft en in welke vorm, en moet de inwoner waar nodig doorverwezen (en warm overgedragen) worden. Hierbij dienen maatschappelijke partners samen te werken in 1 loket;
Onafhankelijke cliëntondersteuning voor inwoners van alle leeftijden, gericht op het ondersteunen van inwoners bij het regelen van en toeleiden naar zorg en ondersteuning (niet zijnde algemeen maatschappelijk werk zoals bedoeld onder sub i);
Deelname aan en coördinatie van relevante samenwerkingsverbanden en casuïstiekoverleggen, waaronder een breed netwerk waarin complexe casuïstiek met betrekking tot jeugdigen wordt besproken.
Activiteiten op het gebied van inclusie: activiteiten gericht op het vergroten van inclusie in de samenleving door het versterken van de basis voor iedereen uit de gemeenschap, het vergroten van de zichtbaarheid en het verbreden van kennis. Het college kan, overeenkomstig artikel 7, tweede lid van de Asv, binnen deze subsidieregeling een eenjarige of meerjarige subsidie verstrekken voor maximaal 48 aaneengesloten maanden. Activiteiten die in ieder geval in aanmerking kunnen komen voor subsidiëring, zijn:
Ondersteuning aan Gender Sexuality Alliances;
Activiteiten, zowel lokaal als in de regio;
Gespecialiseerd maatschappelijk werk;
Voorlichting, waaronder gastlessen op het primair en voortgezet onderwijs.
Activiteiten in het kader van maatjesprojecten: gericht op het versterken van de zelf- en samenredzaamheid van kwetsbare inwoners (zoals kwetsbare jongeren, kwetsbare ouderen, inwoners met schuldenproblematiek, inwoners met GGZ-problematiek, inwoners met een verstandelijke en/of lichamelijke beperking en inwoners die eenzaam zijn) door het bieden van vrijwillige ondersteuning in de vorm van een maatje. De inzet van een maatje moet bijdragen aan het voorkomen van de inzet van geïndiceerde ondersteuning. Activiteiten binnen dit thema kunnen worden gesubsidieerd onder aansturing van 1 penvoerder per doelgroep.
Activiteiten gericht op ouderenondersteuning: gericht op ouderen in staat stellen veilig en langer zelfstandig te wonen door het bieden van informatie en advies. Activiteiten binnen dit thema kunnen worden gesubsidieerd voor maximaal 48 aaneengesloten maanden.
Activiteiten in het kader van samenlevingsopbouw: ambulante samenlevingsopbouw gericht op het op collectief niveau versterken van de sociale cohesie in wijken en buurten, en daarmee de onderlinge verbondenheid tussen inwoners, om zo de maatschappelijke kracht die in de gemeente aanwezig is te verstevigen en bestendigen. Activiteiten dienen eraan bij te dragen dat de zelf- en samenredzaamheid van inwoners vergroot wordt en dat zij daardoor minder beroep doen op geïndiceerde ondersteuning, met in verhouding meer aandacht voor de gebieden/wijken Leidschendam-Noord, Voorburg Bovenveen en Leidschendam-Zuid ten opzichte van andere gebieden/wijken in de gemeente. Het college kan, overeenkomstig artikel 7, tweede lid van de Asv, binnen deze subsidieregeling een eenjarige of meerjarige subsidie verstrekken voor maximaal 48 aaneengesloten maanden. Activiteiten die in ieder geval in aanmerking kunnen komen voor subsidiëring, zijn:
i. Het voorkomen en aanpakken van eenzaamheid, met een focus op jongeren, ouderen en inwoners die moeite hebben met rondkomen.
Incidentele subsidies worden alleen verstrekt voor activiteiten die bijdragen aan de in het tweede lid genoemde beleidsdoelen.
In navolging op het tweede en derde lid kunnen ook andere, niet nader gespecificeerde activiteiten die bijdragen aan de realisatie van de beleidsdoelen, in aanmerking komen voor een subsidie. Dit kan in de volgende gevallen:
In een situatie zoals bedoeld in artikel 2, vierde lid van de Asv, waarbij op het subsidieplafond aanvullende middelen beschikbaar worden gesteld;
In het geval dat er naar oordeel van het college een gegronde reden is waarom de betreffende activiteit niet eerder is benoemd in het overzicht zoals opgenomen in het eerste lid.
In gevallen zoals bedoeld in het vierde lid kan het college bij subsidiebeschikking afwijken van de in deze subsidieregeling opgenomen bepalingen als dit noodzakelijk is voor de uitvoering of verantwoording van de betreffende activiteit.
Hoofdstuk 2:
Artikel 2:1
Activiteiten die voor subsidie in aanmerking komen
Onderdeel van Subsidieregeling Samen redzaam Leidschendam-Voorburg 2026