Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 12

Weigeringsgronden

Onderdeel van Algemene Subsidieverordening Huizen 2025

1.. Onverminderd artikel 4:25, tweede lid en artikel 4:35 van de Awb (algemeen geldende weigeringsgronden) kan het college de gevraagde subsidie in ieder geval weigeren indien: de te subsidiëren activiteiten niet of niet in overwegende mate gericht zijn op of onvoldoende ten goede komen aan de gemeente of haar ingezetenen; de activiteiten niet passen binnen het door de raad of het college vastgestelde beleid; de subsidieaanvraag niet tijdig is ingediend; uit de bij de subsidieaanvraag overlegde begroting blijkt dat de activiteiten waarvoor de subsidie wordt aangevraagd financieel niet haalbaar zijn; er niet is aangetoond dat de subsidie noodzakelijk is voor het verrichten van de activiteiten waarvoor deze wordt gevraagd; de aanvraag niet voldoet aan de regels die zijn gesteld om voor subsidie in aanmerking te komen; er op een toereikende wijze reeds anders in de activiteiten wordt voorzien; in hoofdzaak godsdienstige, levensbeschouwelijke of politieke vorming wordt beoogd of feitelijk verricht; in het kader van de toetsing wordt bij doelstellingen onderscheid gemaakt tussen eventuele grondslag en werkdoelstelling; om de werkdoelstelling gaat het in de eerste plaats; de activiteiten niet algemeen toegankelijk zijn; voor deelname aan activiteiten een onredelijk hoge toegangsprijs boven de normale inschrijvings-, lidmaatschapskosten of deelnemersbijdrage wordt verlangd; de aanvrager doelstellingen nastreeft of activiteiten ontplooit of zal ontplooien die in strijd zijn met de wet, het algemeen belang of de openbare orde; als de subsidieverstrekking niet is toegestaan totdat de Europese Commissie met toepassing van artikel 108, derde lid, van het Verdrag heeft vastgesteld dat de subsidie verenigbaar is met de interne markt; in de bij de subsidieregeling bepaalde gevallen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel