Naar hoofdinhoud

Artikel 6

Inrichting accountantscontrole

Onderdeel van Controleverordening Heemstede 2025

1.. De accountant bepaalt binnen het kader van de opdrachtverlening de wijze waarop de accountantscontrole wordt ingericht, alsmede de aard en de omvang van de daarbij behorende werkzaamheden. 2.. De accountant bepaalt binnen het kader van de opdrachtverlening de frequentie van de uit te voeren controles. 3.. Voorafgaand aan de controle van de jaarrekening vindt lopende het betreffende jaar een interim controle plaats. 4.. Over de uitkomsten van de interim-controle wordt door de accountant een verslag van bevindingen (managementletter) uitgebracht aan het college, met daarin een samenvatting (boardletter) met de belangrijkste uitkomsten voor de raad. Het college legt deze boardletter eerste voor aan de auditcommissie, voordat hij wordt doorgestuurd naar de raad.

Rechtspraak bij dit artikel