Naar hoofdinhoud
1. De aanvraag om schadevergoeding moet zijn ondertekend en bevat ten minste: een aanduiding van het besluit of het handelen dat de gestelde schade naar het oordeel van de aanvrager tot gevolg heeft; een vermelding van de reden of de redenen waarom gedeputeerde staten gehouden zouden zijn de schade te vergoeden die het gevolg is van het onder a bedoelde besluit of handelen; een zo nauwkeurig mogelijke opgave van de aard en omvang, alsmede een specificatie van de schade; een omschrijving van de wijze waarop de schade naar het oordeel van de aanvrager dient te wor­den vergoed en, zo een vergoeding in geld wordt gewenst, een opgave van het schadebedrag dat naar het oordeel van de aanvrager dient te worden vergoed; indien de schade betrekking heeft op een waardevermindering van een onroerende zaak, een be­schrijving van deze zaak, alsmede een bewijs van eigendom dan wel ander recht op gebruik er­van; kaartbijlagen met daarop de ligging van de percelen, inclusief eventueel aanwezige opstallen, waarop de aanvraag betrekking heeft, op een schaal van ten minste 1:1000. 2. Bij de aanvraag om schadevergoeding wordt gebruik gemaakt van het door gedeputeerde staten van een reconstructieprovincie vastgestelde formulier. 3. Gedeputeerde staten bevestigen de ontvangst van de aanvraag binnen twee weken na ontvangst en stel­len aanvrager daarbij in kennis van de te vol­gen procedure.

Rechtspraak bij dit artikel