Bij het opstellen van haar advies over straatnamen en naamgeving van andere openbare ruimten neemt de commissie de volgende richtlijnen in acht:
een naam mag geen verwarring wekken met al bestaande namen gegeven aan openbare ruimte elders in de gemeente;
een naam is bij voorkeur niet langer dan 24 karakters en moet herkenbaar en duidelijk te communiceren zijn;
een naam is gemakkelijk te schrijven en vermijdt het gebruik van speciale leestekens of accenten, tenzij deze essentieel zijn;
een naam mag zich niet lenen voor verbastering noch associaties opwekken met te alledaagse of onwelvoeglijke zaken, begrippen en woorden;
indien mogelijk wordt gebruik gemaakt van geografische namen als dit gelet op de situering ter plaatse geschiedkundig verantwoord is;
bij naamgeving op buurt- of wijkniveau wordt de gekozen categorie consequent doorgezet. Dit kan tevens worden bereikt door een specifiek achtervoegsel te gebruiken (bijvoorbeeld -rode, -hof, of -beek);
de naam of categorie van namen heeft bij voorkeur een relatie met de kwalitatieve aspecten van de omgeving. Daarbij wordt gelet op de stedenbouwkundige structuur, de hiërarchie van het wegenpatroon en de status van een weg of andere openbare ruimte (bijvoorbeeld laan, straat, pad).
Bij het vernoemen van een openbare ruimte naar een persoon gelden de volgende bijzondere richtlijnen:
a. de openbare ruimte wordt niet vernoemd naar personen die korter dan vijf jaar overleden zijn, behalve als de desbetreffende persoon:
landelijke bekendheid geniet;
een ereburger betreft;
(bij leven) lid is van het Koninklijk Huis.
bij het vernoemen van personen moeten de bijzondere verdiensten worden aangetoond. Deze verdiensten moeten van een uitzonderlijk niveau zijn zich uitstrekken tot meerdere facetten op sociaal, maatschappelijk en / of cultureel gebied. Dit kan betekenen dat een verkregen ereburgerschap, of ridderorde alléén niet voldoende hoeft te zijn om voor vernoeming in aanmerking te komen;
nabestaanden moeten zover dat redelijkerwijs mogelijk is vooraf toestemming geven voor de vernoeming;
bij persoonsnamen worden geen voornamen, voorletters, titels, waardigheden of hoedanigheden vermeld tenzij deze onlosmakelijk met de naam zijn verbonden.
Een bestaande naam wordt uitsluitend in geval van uiterste noodzaak door het college gewijzigd. Het college kan gelijktijdig met het besluit tot wijziging van een bestaande naam een tegemoetkoming in de onkosten toekennen aan gedupeerden van de wijziging.