Onverminderd het bepaalde in artikel 4.2 van de Algemene Wet
Bestuursrecht verstrekt de ondernemer bij zijn aanvraag om een
vergunning de volgende bescheiden:
een nauwkeurige beschrijving van de inrichting, waarin is
opgenomen de oppervlakte daarvan, alsmede een plattegrond waarop
is aangegeven op welke plaats in de speelautomatenhal en in
welke aantallen kansspel- en/of behendigheidsautomaten worden
opgesteld;
een bewijs van inschrijving van zijn onderneming in het
Handelsregister bij de Kamer van Koophandel en Fabrieken;
een verklaring waaruit blijkt dat hij gerechtigd is over de
ruimte te beschikken waarin de speelautomatenhal gevestigd
wordt;
een verklaring omtrent het gedrag als bedoeld in de Wet op de
justitiële documentatie en op de verklaringen omtrent het gedrag
van:
de ondernemer, dan wel - indien de ondernemer een rechtspersoon
is - van degene(n) die de onderneming rechtsgeldig
vertegenwoordigt(en), en
de beheerder(s).