Naar hoofdinhoud
91. Een creditcard mag uitsluitend worden gebruikt voor uitgaven die volgens geldende regelingen voor vergoeding in aanmerking komen. Het gebruik van deze creditcard voor binnenlands gebruik wordt zo veel mogelijk beperkt. 92. Gedeputeerde staten regelen de wijze van aanvragen en verstrekken alsmede het intrekken van een creditcard van de provincie. Daarbij kan tevens nader worden geregeld voor welke soort kosten deze creditcard kan worden gebruikt. 93. Bij de afhandeling van betalingen verricht met de creditcard wordt een daartoe vastgesteld formulier ingediend. Bij het formulier wordt een betalingsbewijs gevoegd en op het formulier wordt de functionaliteit van de uitgave vermeld. 94. Het gebruik van de creditcard kan uitsluitend betrekking hebben op uitgaven die volgens geldende regelingen voor vergoeding in aanmerking komen. 95. Ingeval de ambtenaar, genoemd in artikel 8.5, twijfelt over correct gebruik van de creditcard meldt hij dit bij de secretaris directeur. Deze legt het zo nodig ter besluitvorming aan het college voor. 96. Indien met de creditcard een uitgave is gedaan die voor rekening van de bestuurder dient te blijven, wordt aan hem een factuur gezonden ter hoogte van deze uitgave.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel