Naar hoofdinhoud
1. Provinciale staten van de deelnemende provincies stellen gezamenlijk bij afzonderlijk besluit een programmaraad in. 2. De programmaraad bestaat uit minimaal acht en maximaal twaalf leden. De verdeling van twee of drie per deelnemer wordt door de betreffende deelnemer zelf vastgesteld. 3. Bij de aanwijzing van de leden, genoemd in het vorige lid, zijn ook leden benoembaar van buiten de kring van de deelnemers met dien verstande dat iedere deelnemer maximaal één buitenlid mag aanwijzen. De plaatsvervangende leden kunnen in dezelfde verhouding worden aangewezen. 4. De programmaraad heeft de zittingsduur van provinciale staten. Bij een tussentijdse vacature wordt daarin terstond voorzien door de deelnemer die dit lid had aangewezen.

Rechtspraak bij dit artikel