Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Paragraaf 2.2

Artikel 11

Agenda

Onderdeel van Verordening op de raadscommissies gemeente Utrecht

1.. De raadscommissie stelt per agendering het behandeladvies met bijbehorende behandeltijd en prioritering vast. 2.. De commissievoorzitter en plaatsvervangend commissievoorzitter van de raadscommissie stellen op basis van voorstellen uit de raadscommissie de voorlopige agenda voor de raadscommissie op. 3.. Voor de vergadering wordt door of namens de commissievoorzitter een elektronische oproep en voorlopige agenda verzonden. Het inhoudelijke deel van de voorlopige agenda en bijbehorende stukken worden veertien dagen voor aanvang van de vergadering op het raadsinformatiesysteem geplaatst. Het procedurele deel met bijbehorende stukken worden zeven dagen voor aanvang van de vergadering aan de voorlopige agenda in het raadsinformatiesysteem toegevoegd. Het raadsinformatiesysteem is voor eenieder toegankelijk. 4.. In afwijking van het derde lid wordt informatie van de raadscommissie of aan de raadscommissie verstrekte informatie waaromtrent op grond van hoofdstuk VA van de Gemeentewet geheimhouding is opgelegd in het deel van het raadsinformatiesysteem geplaatst dat alleen toegankelijk is voor raads- en commissieleden en fractiemedewerkers. 5.. De aanwezigheid bij de vergadering van de op de agendaonderwerpen betrekking hebbende portefeuillehouders binnen het college, of een ander lid van het college, is vereist. 6.. Bij aanvang van de vergadering stelt de raadscommissie de agenda vast.

Rechtspraak bij dit artikel