Naar hoofdinhoud
1.. De voorzitter zendt ten minste zes dagen voor een vergadering de leden van de raad een schriftelijke oproep onder vermelding van dag, tijdstip en plaats van de vergadering. 2.. De voorlopige agenda wordt vastgesteld door de agendacommissie. 3.. De voorlopige agenda en de daarbij behorende stukken, met uitzondering van de stukken waarop de verplichting tot geheimhouding berust, worden tegelijkertijd met de schriftelijke oproep aan de leden van de raad verzonden.

Rechtspraak bij dit artikel