Tenzij gedeputeerde staten daar al toe hebben besloten dan wel de commissaris van de Koningin daar al toe heeft besloten, stelt de secretaris hen dan wel hem voor een gemandateerde bevoegdheid zelf uit te oefenen indien bekend is of verwacht mag worden dat een ander bestuursorgaan zich meer dan gebruikelijk bij de te nemen beslissing betrokken zal voelen of er bezwaren tegen zal hebben of dat de beslissing de publieke aandacht zal trekken. Indien de secretaris deze verplichting niet nakomt, blijft de krachtens het mandaat door hem genomen beslissing van kracht.
Hoofdstuk › Paragraaf
Artikel 16