Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk › Afdeling › Paragraaf

Artikel 5.1.10

Vrijstellingen

Onderdeel van Verordening ter bescherming van het milieu (Pmv)

Een verbod als bedoeld in de artikelen 5.1.5, 5.1.6, 5.1.8 of 5.1.9 geldt niet voor zover het betrekking heeft op a. een toestel, motorvoertuig, bromfiets, snorfiets, vuurwerk of vaartuig dat wordt gebruikt voor de uitoefening van land-, tuin- of bosbouw of beroepsmatige visserij of ten behoeve van het onderhoud van het gebied of van daarin aanwezige bouwwerken en andere constructies; b. een werktuig als bedoelde in artikel 5.1.5, tweede lid, onder b, dat wordt gebruikt ten behoeve van directe woonaansluiting; c. het gebruik van een toestel als bedoeld in artikel 5.1.5, tweede lid, onder c, indien dat noodzakelijk is ter afwending van dreigend gevaar of anderszins uit een oogpunt van algemene veiligheid; d. een geluidsapparaat als bedoeld in artikel 5.1.5, tweede lid, onder e, dat wordt gebruikt binnen 50 meter van een woonhuis en mits niet hoorbaar op een afstand van meer dan 50 meter van het apparaat; e. een schietwapen als bedoel in bepaling 5.1.5, tweede lid, onder g, indien dat wordt gebruikt: 1e door een persoon met opsporingsbevoegdheid in de uitoefening van zijn functie, 2e in geval het een noodseinmiddel betreft: in geval van nood of 3e met inachtneming van het bepaalde in de Jachtwet of de Vogelwet; d. het gebruik van vuurwerk als bedoeld in artikel 5.1.8 indien dat noodzakelijk is ter oproeping van personen of ter afwending van dreigend gevaar, dan wel plaatsvindt ter gelegenheid van de jaarwisseling gedurende een bij het Vuurwerkbesluit aangewezen periode.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel