[Geldt voor gehele landelijk gebied]
Een bestemmingsplan voor een gebied dat is aangeduid als ‘Uitbreiding bestaande verblijfsrecreatie’ [LG 1 en LG 2] kan bestemmingen en regels bevatten die uitbreiding van bestaande verblijfsrecreatie-terreinen toestaan, mits is voldaan aan de volgende voorwaarden:
het desbetreffende bedrijf heeft onvoldoende ruimte om het kwaliteitsniveau te optimaliseren;
de uitbreiding leidt niet tot een onevenredige aantasting van aanwezige waarden of de agrarische structuur.
Een bestemmingsplan voor een gebied dat is aangeduid als ‘Aanvullende voorwaarden uitbreiding bestaande verblijfsrecreatie’ [LG 3, LG 4] kan bestemmingen en regels bevatten die uitbreiding van een bestaand verblijfsrecreatieterrein toestaan, mits is voldaan aan de volgende voorwaarden:
het desbetreffende bedrijf heeft onvoldoende ruimte om het kwaliteitsniveau te optimaliseren;
de uitbreiding leidt niet tot een onevenredige aantasting van de aanwezige waarden of de agrarische structuur;
indien de uitbreiding is gelegen binnen een gebied dat is aangeduid als ‘Groene contour’ worden wezenlijke kenmerken en waarden niet significant aangetast;
de uitbreiding resulteert in ruimtelijke kwaliteitswinst.
De toelichting op een bestemmingsplan als bedoeld in het eerste en tweede lid bevat een ruimtelijke onderbouwing waaruit blijkt dat is voldaan aan de genoemde voorwaarden.
Hoofdstuk
Artikel 6.2.3.