Naar hoofdinhoud
1. Ten aanzien van de dijkgraaf die zijn functie bekleedt op de datum van inwerkingtreding van dit reglement blijft tot zijn ontslag artikel 48 van het Reglement Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden van kracht. 2. De artikelen 5 tot en met 52 van het Reglement Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden blijven van kracht tot 8 januari 2009 voor de op het moment van inwerkingtreden van dit reglement zitting hebbende leden van het algemeen bestuur en het college van dijkgraaf en hoogheemraden. 3. Voor de belastingtijdvakken die zijn aangevangen voor 1 januari 2009 blijven de artikel en 70 en 71 van het Reglement Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden van toepassing. 4. Voor overgaand gebied blijft het recht ten aanzien van de heffing of invordering van de omslagen en verontreinigingsheffing, zoals het gold vóór de datum van inwerkingtreding van dit reglement, tot 1 januari 2009 van toepassing. De bestuursorganen die tot de datum van inwerkingtreding van dit reglement bevoegd waren ten aanzien van de bedoelde heffing of invordering, oefenen de bevoegdheden tot 1 januari 2009 uit. Deze bestuursorganen blijven als enige bevoegd ten aanzien van de in de eerste volzin bedoelde belastingen, die betrekking hebben op belastingtijdvakken die zijn aangevangen vóór 1 januari 2009, en op belastbare feiten die zich voor dat tijdstip hebben voor gedaan. 5. De op de dag, voorafgaand aan de datum van inwerkingtreding van dit reglement voor overgaand gebied geldende waterschapsbesluiten blijven van kracht zolang het bevoegde bestuursorgaan niet anders beslist. De bevoegde bestuursorganen oefenen met ingang van de datum van inwerkingtreding van dit reglement de bevoegdheden die samenhangen met de in de eerste volzin bedoelde besluiten uit, zolang de besluiten hun rechtskracht behouden.

Rechtspraak bij dit artikel