**1.** Er hebben zoveel stemmingen plaats als personen te benoemen, voor te dragen of aan te bevelen zijn.
**2.** Indien niemand bij de eerste stemming de volstrekte meerderheid heeft verkregen, wordt tot een tweede vrije stemming overgegaan.
**3.** Wanneer ook bij deze tweede stemming door niemand de volstrekte meerderheid is verkregen, heeft een derde stemming plaats tussen de twee personen, die bij de tweede stemming de meeste stemmen op zich hebben verenigd. Zijn bij de tweede stemming de meeste stemmen over meer dan twee personen verdeeld, dan wordt bij een tussenstemming uitgemaakt over welke twee personen de derde stemming zal lopen.
**4.** Indien bij de tussenstemming of bij de derde stemming de stemmen staken, beslist het lot.
**5.** Wanneer het lot moet beslissen, worden de namen van hen, tussen wie de beslissing moet plaatshebben door de secretaris op afzonderlijke, geheel gelijke, briefjes geschreven. Deze briefjes worden op gelijke wijze naar binnen gevouwen in een bus gedaan en omgeschud. Vervolgens wordt door de voorzitter één van die briefjes uit de bus genomen. Degene, wiens naam op dit briefje voorkomt, is gekozen.
**6.** Door de zorg van de secretaris worden de stembriefjes onmiddellijk na afloop van de vergadering vernietigd.
Artikel 13.