Naar hoofdinhoud
1. Voor de toepassing van artikel 153, eerste lid, onder a en b, van de wet zijn al naar gelang het beroep betrekking heeft op het grondgebied van de provincie Gelderland, Zuid-Holland, Noord-Brabant of Utrecht, respectievelijk gedeputeerde staten van Gelderland, gedeputeerde staten van Zuid-Holland, gedeputeerde staten van Noord-Brabant dan wel gedeputeerde staten van Utrecht het bevoegde bestuursorgaan. 2. Indien een beroep op grond van artikel 153, eerste lid, onder a en b, van de wet betrekking heeft op het grondgebied van twee of meer provincies, geschiedt het horen van belanghebbenden door de voor de behandeling van administratieve geschillen ingestelde kamer uit gedeputeerde staten of commissie van de provincie op welk grondgebied het beroep in hoofdzaak betrekking heeft.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel