**1..** Wanneer er sprake is van een onderhoudsplicht betreffende een uitkeringsgerechtigde en/of zijn kind(eren), dan onderzoekt het college bij de aanvang van het verlenen van bijstand of er een alimentatiebeschikking of andere afspraken zijn waarin de alimentatie is vastgesteld. Het college beoordeelt of in de gemaakte afspraken voldoende rekening is gehouden met de draagkracht van de ex-partner op basis van de tremanormen. Wanneer er geen alimentatiebeschikking of afspraken zijn, dan verplicht het college de uitkeringsgerechtigde op basis van artikel 55 van de Participatiewet een verzoek tot vaststelling van alimentatie in te dienen bij de daarvoor aangewezen rechterlijke instantie dan wel afspraken te maken waarin de alimentatie is vastgesteld op basis van de tremanormen.
**2..** Wordt een door een rechterlijke instantie vastgestelde alimentatieverplichting niet of niet volledig nagekomen dan verplicht het college op grond van artikel 55 van de Participatiewet de uitkeringsgerechtigde de opgelegde alimentatieverplichting te gelde te maken door middel van inschakeling van het LBIO. Het college verzoekt de uitkeringsgerechtigde het college te machtigen om de door het LBIO te innen alimentatie, over de periode waarin recht op bijstand bestaat, namens de uitkeringsgerechtigde te ontvangen. De uitkeringsgerechtigde ontvangt dan vanaf de ingangsdatum van de in de machtiging genoemde overnamedatum, de bijstand zonder korting van de inkomsten uit alimentatie. Als er geen machtiging is afgegeven door de uitkeringsgerechtigde dan wordt de bijstand met korting van de inkomsten uit alimentatie uitbetaald.
**3..** Wanneer de uitkeringsgerechtigde de opgelegde alimentatieverplichting niet te gelde maakt, behoudt het college altijd het recht gebruik te maken van de bevoegdheid zoals omschreven in artikel 62b van de Participatiewet. Gedurende de periode waarin de vastgestelde alimentatieverplichting niet of niet volledig wordt nagekomen wordt bij de berekening van de uitkering slechts rekening gehouden met de feitelijk ontvangen alimentatie.
**4..** Als op grond van bijzondere omstandigheden het opleggen van de verplichting tot indienen van een alimentatieverzoek of de verplichting tot het inschakelen van het LBIO tot een situatie leidt die het college onredelijk acht, dan ziet het college af van het opleggen van een dergelijke verplichting.
Artikel 3
Op te leggen verplichtingen aan onderhoudsgerechtigden
Onderdeel van Beleidsregels verhaal Participatiewet Twenterand