**1.** De programmaraad bestaat uit minimaal acht en maximaal twaalf leden, welke gelijkelijk over deelnemers verdeeld zijn.
**2.** De leden van de programmaraad zijn afkomstig uit de leden van Provinciale Staten, met dien verstande dat elke deelnemer een lid van buiten die kring kan aanwijzen.
**3.** Tegelijk met de benoeming van de leden van de programmaraad worden in de verhouding zoals bedoeld in lid 1 van dit artikel plaatsvervangende leden benoemd.
**4.** De leden van de programmaraad hebben een zittingsduur gelijk aan die van de deelnemers die hen benoemen. Een lid van de programmaraad is eenmaal herbenoembaar.
**5.** De deelnemers dragen er zorg voor dat in de eerste vergadering van Provinciale Staten na de verkiezingen de leden van de programmaraad aangewezen worden overeenkomstig het bepaalde in dit artikel.
**6.** Een lid van de programmaraad kan te allen tijde ontslag nemen door daartoe een schriftelijk verzoek in te dienen bij de deelnemer, die hem benoemd heeft.
**7.** Indien een lid gedurende langere tijd niet of niet voldoende in de programmaraad functioneert, kan de deelnemer, gehoord de overige deelnemers, het lidmaatschap daarvan tussentijds beëindigen.
**8.** In geval van een tussentijdse vacature draagt de deelnemer die dit lid had benoemd, terstond zorg voor de benoeming van een nieuw lid.
Artikel 3
Samenstelling en benoeming
Onderdeel van Besluit van 8 november 2004, houdende vaststelling van de verordening programmaraad Randstedelijke Rekenkamer