Onder de noemer financiële verhouding en decentralisaties gaan wij apart in op ontwikkelingen op deze terreinen die niet meer vallen binnen de onzekerheidsmarges en risicobandbreedte van de reguliere bedrijfsvoering.
Effecten vanuit de decentralisaties en de financiële verhouding op de gemeentelijke financiële huishouding vragen structurele inpassing binnen de meerjarenbegroting. Daarbij moet in aanmerking worden genomen, dat de gemeente geen invloed heeft op de inkomsten via het gemeentefonds en dat de invloed op de uitgavenkant beperkt wordt door open einde regelingen en wettelijke verplichtingen. Dit laat overigens onverlet, dat de decentralisaties ook kansen bieden om voordelen te realiseren.
De financiële verhouding is een grote risicofactor voor alle gemeenten. Belangrijkste knelpunten zijn de opschalingskorting en een ontoereikende bekostiging van de decentralisaties Sociaal Domein (Jeugd, Zorg en Werk), de invoering van de Omgevingswet en de Wet Kwaliteitsborging in de Bouw, alsmede van de nieuwe taken/opgaven in het kader van het Klimaatakkoord. Een stevige buffer is van belang om incidenteel tegenvallers op te vangen (risicobuffer), maar ook om noodzakelijke beleidsaanpassingen te implementeren inclusief eventuele flankerende maatregelen (faseringsbuffer).
Het totale risico wordt bezien in relatie met de materialiteit. Dit is geen harde kwantitatieve berekening van prijs x hoeveelheid, maar een kwalitatieve. Het zijn veelal ontwikkelingen waarvan de exacte omvang niet goed is in te schatten en het Amstelveens aandeel dus ook niet.
De benodigde risicobuffer voor Amstelveen zal zich tussen de € 5 en € 10 miljoen bewegen.
Hoofdstuk 2
Artikel 2.1