Als het verzoek om kwijtschelding wordt gedaan voor belastingschulden die zijn ontstaan voor de aanvang van de huwelijkse periode, dan wel de gezamenlijke huishouding in de zin van artikel 3 Pw (zie artikel 26.2.10 (nr. in koptekst) van deze leidraad), worden de woonlasten in aanmerking genomen tot ten hoogste 50% van het bedrag dat de uitkomst is van de berekening op grond van artikel 15, eerste lid, onderdeel b, van de regeling.
Hoofdstuk 19. › Paragraaf 19.2.
Artikel 19.2.13.
Woonlasten en kwijtschelding van belasting van voorhuwelijkse belastingschulden (26.2.15)
Onderdeel van Leidraad invordering gemeentelijke belastingen Gemeente Bronckhorst