Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 40

Amendement

Onderdeel van Reglement van orde voor de raad van Amsterdam

Indiening 1.. Een lid kan tot het sluiten van de beraadslaging een amendement indienen. Een amendement kan het voorstel inhouden om een geagendeerd voorstel in één of meer onderdelen te splitsen, waarover afzonderlijke besluitvorming kan plaatsvinden. 2.. Alleen beraadslaagd kan worden over amendementen die zijn ingediend door leden die de presentielijst hebben getekend en in de vergadering aanwezig zijn. 3.. Een lid is bevoegd, tijdens de beraadslagingen, op het amendement dat door een lid is ingediend, een wijziging voor te stellen (subamendement). 4.. Elk (sub)amendement moet om in behandeling te kunnen worden genomen, schriftelijk bij de voorzitter worden ingediend. Een amendement wordt opgesteld met gebruikmaking van het door de griffie verstrekt sjabloon. 5.. Een (sub)amendement wordt zodanig geformuleerd dat de tekst ervan geschikt is om in het ontwerpbesluit te worden verwerkt. 6.. De eerste ondertekenaar van een amendement is bevoegd de strekking daarvan beknopt mondeling toe te lichten, alvorens ondersteuning van het amendement wordt gevraagd. 7.. Een amendement wordt aangeduid met de naam van de indiener(s). Toelaatbaarheid 8.. Een amendement is ontoelaatbaar, indien het een strekking heeft, tegengesteld aan die van het voorstel, of indien er tussen de materie van het amendement en die van het voorstel geen rechtstreeks verband bestaat. 9.. Een amendement wordt geacht toelaatbaar te zijn zolang de raad het niet ontoelaatbaar heeft verklaard. Een daartoe strekkend voorstel kan, zo nodig met onderbreking van orde, worden gedaan hetzij door de voorzitter, hetzij door een van de leden. Wijziging en intrekking 10.. Een amendement kan, voordat de stemming hierover plaatsvindt, door de eerste ondertekenaar van het amendement worden gewijzigd of ingetrokken. In geval van wijziging wordt het amendement ingetrokken en wordt de gewijzigde versie opnieuw schriftelijk bij de voorzitter ingediend. 11.. Een medeondertekenaar van een amendement is bevoegd, voordat de stemming plaatsvindt, zijn steun aan het amendement in te trekken.

Rechtspraak bij dit artikel