**1..** De raad kan bepalen dat anderen
dan de in de vergadering aanwezige leden van de raad of van het
college tijdens de raadsvergadering het woord voeren.
**2..** Bij plenaire behandeling van
rapporten van de ombudsman of de Rekenkamer Amsterdam in de raad
kan de voorzitter de ombudsman, respectievelijk de directeur van
de Rekenkamer Amsterdam het woord verlenen.
**3..** Een beslissing daartoe wordt op
voorstel van de voorzitter, gehoord het
fractievoorzittersoverleg, genomen.
**4..** Op degenen die op grond van dit
artikel zijn toegelaten het woord te voeren, zijn de bepalingen
van dit reglement van toepassing.
Hoofdstuk 3 › Paragraaf
Artikel 30
Deelname aan de beraadslaging door anderen
Onderdeel van Reglement van orde voor de raad van Amsterdam