Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 39

Initiatiefvoorstel

Onderdeel van Reglement van orde voor de raad van Amsterdam

1.. Een lid kan een initiatiefvoorstel: een voorstel van een raadslid, uitmondend in een ontwerpbesluit; bij de voorzitter van de desbetreffende raadscommissie indienen. 2.. De indiening geschiedt schriftelijk en ondertekend door de indiener(s), waarbij gebruik wordt gemaakt van het door de griffie verstrekt sjabloon. 3.. De griffier van de desbetreffende raadscommissie draagt er zorg voor dat het initiatiefvoorstel zo spoedig mogelijk ter kennis van de overige leden en het college wordt gebracht. 4.. Het college wordt in de gelegenheid gesteld het initiatiefvoorstel binnen vier weken na indiening van een reactie te voorzien. 5.. Het initiatiefvoorstel wordt zo spoedig mogelijk nadat het in de desbetreffende raadscommissie is besproken, door de raad behandeld. 6.. Initiatiefvoorstellen worden op dezelfde wijze aanhangig gemaakt als door het college ingediende voorstellen, met dien verstande dat de initiatiefnemer in de plaats treedt van het college.

Rechtspraak bij dit artikel