In deze verordening (en de daarop berustende bepalingen) wordt mede verstaan onder:
ASA: Algemene Subsidieverordening van de Gemeente Amsterdam van 2004;
Bedrijfsmatig gebruik: het gebruik van de elektrische auto ten behoeve van de economische activiteiten die de onderneming uitvoert;
Bestelauto: een bedrijfsauto uit de voertuigcategorie N1, zoals bedoeld in de Regeling voertuigen, met vier of meer wielen, niet zijnde een landbouw- of bosbouwtrekker, kampeerauto of een vierwielige bromfiets, een gehandicaptenvoertuig of een motorrijtuig met beperkte snelheid, bestemd voor het vervoer van goederen; in ieder geval wordt als bedrijfsauto aangemerkt een voertuig dat blijkens het afgegeven kentekenbewijs een bedrijfsauto is, zoals bedoeld in Regeling voertuigen;
College:het College van burgemeester en wethouders van de Gemeente Amsterdam;
Concern: een economische eenheid waarin rechtspersonen onder centrale leiding organisatorisch zijn verbonden en waarbij de eenheid is gericht op een duurzame deelneming aan het economisch verkeer;
Verklaring crisissteun: een verklaring dat de onderneming in de afgelopen drie belastingjaren niet meer dan € 500.000 aan staatssteun heeft ontvangen, zoals bedoeld in het Nationaal kader crisissteun;
Elektrische auto: een equivalent van een personen-, bestelauto of een kleine vrachtauto met vier of meer wielen die minimaal 60 kilometer volledig elektrisch wordt aangedreven;
Gemeente:de Gemeente Amsterdam;
Gemeenteraad: de Gemeenteraad van de Gemeente Amsterdam;
Groepsvrijstellingsverordening: verordening nr. 800/2008 van de Commissie van 6 augustus 2008 waarbij bepaalde categorieën steun op grond van de artikelen 87 en 88 van het Verdrag met de gemeenschappelijke markt verenigbaar worden verklaard (PBEU L 214/3);
Grote onderneming: een onderneming die geen kleine of middelgrote onderneming is;
Kleine onderneming: een onderneming met minder dan 50 werknemers, een jaaromzet en/of een jaarlijks balanstotaal van minder dan € 10 miljoen, zoals bepaald in bijlage I van de Groepsvrijstellingsverordening;
Middelgrote onderneming: een onderneming met minder dan 250 werknemers, een jaaromzet van minder dan € 50 miljoen of een jaarlijks balanstotaal van minder dan € 43 miljoen, zoals bepaald in bijlage I van de Groepsvrijstellingsverordening;
Nationaal kader crisissteun: Nederlands nationaal kader voor het tijdelijk verlenen van beperkte steunbedragen;
Onderneming: een natuurlijke persoon of rechtspersoon die een economische activiteit uitvoert ongeacht de wijze van financiering of de rechtsvorm;
Personenauto: een voertuig met vier wielen of meer van de voertuigcategorie M met de voertuigclassificatie M1 of M2, zoals bedoeld in de Regeling voertuigen, niet zijnde een gehandicaptenvoertuig of een motorrijtuig met beperkte snelheid zoals bedoeld in de Regeling voertuigen; in ieder geval wordt als personenauto aangemerkt een voertuig dat blijkens het afgegeven kentekenbewijs een personenauto is;
Regeling voertuigen: Regeling tot uitvoering van de hoofdstukken III en VI van de Wegenverkeerswet 1994;
Taxi: een personenauto met vier wielen of meer van de voertuigcategorie M met de voertuigclassificatie M1, zoals bedoeld in de Regeling Voertuigen, die ingericht voor het vervoer tegen betaling van ten hoogste acht personen, zoals bedoeld in de Wet personenvervoer 2000 en ten behoeve waarvan een taxi-vergunning is afgegeven;
Vrachtauto: een gemotoriseerd voertuig met vier of meer wielen van de voertuigcategorie N met de voertuigclassificatie N2, zoals bedoeld in de Regeling voertuigen, niet zijnde een motorrijtuig met beperkte snelheid, landbouw- of bosbouwtrekker, kampeerauto of een vierwielige bromfiets dat uitsluitend of hoofdzakelijk is ontworpen en gebouwd voor het vervoer van goederen met een toegestane maximummassa van niet meer dan 12.000 kilogram.
Hoofdstuk
Artikel 1
Begripsbepalingen
Onderdeel van Subsidieverordening bij de aanschaf van elektrische auto's door ondernemingen