Naar hoofdinhoud

Artikel 2

Voorschoolse Educatie

Onderdeel van Beleidsregel doelgroepdefinitie voorschoolse educatie gemeente Utrecht

1.. Het College verleent voor zover dat passend wordt geacht toegang tot 16 uur Voorschoolse Educatie aan een in de gemeente Utrecht woonachtig kind dat behoort tot de doelgroep, bedoeld in artikel 3. 2.. Het College bepaalt of een kind behoort tot de doelgroep, bedoeld in artikel 3, tijdens een of meerdere JGZ-contacten. Idealiter wordt tijdens het 2-jaars contact vastgesteld of Voorschoolse Educatie wordt ingezet, maar als dit nodig kan dit ook op latere leeftijd nog vastgesteld worden. 3.. Als tijdens een JGZ-consult wordt bepaald dat een kind tot de doelgroep behoort en Voorschoolse Educatie passend wordt geacht, wordt een indicatie gegeven voor 16 uur per week Voorschoolse Educatie bij een aanbieder die daartoe subsidie ontvangt op basis van de Nadere Regel subsidie Passende Kinderopvang Utrecht. 4.. Als tijdens een JGZ-consult wordt bepaald dat een kind niet tot de doelgroep behoort, Voorschoolse Educatie niet passend is of om andere redenen geen 16 uur Voorschoolse Educatie ingezet wordt, wordt dit tijdens het contact aan de ouder van het kind medegedeeld. 5.. In het geval van een situatie als bedoeld in het vierde lid wordt de ouder van het kind in de gelegenheid gesteld om een aanvraag voor 16 uur Voorschoolse Educatie in te dienen. 6.. Op de aanvraag als bedoeld in het vijfde lid ontvangt de ouder een beschikking.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel