Naar hoofdinhoud

Artikel 15.

Intrekken van de vergunning

Onderdeel van Monumentenverordening

De vergunning kan door het bevoegd gezag worden ingetrokken indien: blijkt dat de vergunning ten gevolge van een onjuiste of onvolledige opgave is verleend; de omstandigheden aan de kant van de vergunninghouder zich zodanig hebben gewijzigd, dat het belang van het monument zwaarder dient te wegen. blijkt dat de vergunninghouder de aan de vergunning verbonden voorschriften als bedoeld in artikel 10 lid 5 niet naleeft. blijkt dat niet binnen twee jaar van de vergunning gebruik wordt gemaakt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel