**1.** Het college kan vergunningen en ontheffingen verlenen en daaraan beperkingen en voorschriften verbinden. De beperkingen en voorschriften mogen slechts strekken tot bescherming van de belangen in verband waarmede de vergunning of ontheffing is vereist.
**2.** Op de vergunning of ontheffing wordt de geldigheidsduur ervan vermeld.
**3.** Indien een vergunning of ontheffing wordt verleend ter vervanging van een voorgaande vergunning of ontheffing, kunnen de beperkingen en voorschriften worden gewijzigd.
**4.** De verlening van een vergunning of ontheffing geschiedt schriftelijk;de verlening van een ontheffing kan in spoedeisende gevallen voor een éénmalige gedraging of handeling van korte duur mondeling geschieden.
**5.** Een vergunning of ontheffing wordt in ieder geval geweigerd :a. in het belang van de openbare orde;b. in het belang van het voorkomen of beperken van overlast;c. in het belang van de verkeersvrijheid of veiligheid in openbaar water;d. indien een doelmatig gebruik van de haven zich daartegen verzet;e. in het belang van de bescherming van het uiterlijk aanzien van de omgeving;f. indien van een eerdere vergunning of ontheffing gebleken is, dat hiervandoor de houder geen gebruik is gemaakt;g. indien een eerdere vergunning of ontheffing is ingetrokken conform artikel 1.3, lid 7 onder b;h. vanwege strijd met het bestemmingsplan.
**6.** In het geval, bedoeld in het vijfde lid onder f, kan toch verlening plaats vinden indien op genoegzame wijze is aangetoond dat om gegronde reden geen gebruik kon worden gemaakt van de ontheffing of vergunning.
**7.** Het college kan een vergunning, een ontheffing of een verlenging van een geldigheidsduur intrekken indien:a. een reden waarom zij werd verleend of verlengd is vervallen;b. een daaraan verbonden beperking of voorschrift niet wordt nageleefd;c. zich na de verlening of verlenging een zodanig feit of omstandigheidvoordoet dat, indien het feit of de omstandigheid ten tijde van de verlening of verlenging bekend was geweest, de vergunning, de ontheffing of de verlenging van de geldigheidsduur niet of niet in die vorm zou zijn verleend.
**8.** De geldigheidsduur van een vergunning of ontheffing wordt niet verlengd indien:a. gebleken is dat gedurende het laatste tijdvak van geldigheid door de aanvrager geen gebruik is gemaakt van de eerder verleende vergunning of ontheffing;b. De redenen van orde en veiligheid in de haven zich tegen een verlenging van de geldigheidsduur verzetten.
**9.** Het college kan bevoegdheden mandateren aan de havenmeester(s). Dit moet via een mandaatregeling gebeuren.
Paragraaf 1
Artikel 1.3
Vergunningen en ontheffingen.
Onderdeel van Havenverordening Terschelling 2006