Op grond van artikel 20 van de verordening is het mogelijk een bekostiging te verstrekken voor de aanschaf van een elektrische fiets als een andere passende voorziening. Deze financiële tegemoetkoming dient goedkoper te zijn of gelijk te zijn aan de kosten van het openbaar vervoer.
Voor het verstrekken van een financiële tegemoetkoming voor de aanschaf van een elektrische fiets gelden de volgende bepalingen:
De financiële tegemoetkoming geldt alleen voor leerlingen die volgens de verordening al aanspraak hebben op een vervoersvoorziening naar een school voor voortgezet speciaal onderwijs.
Het betreft een eenmalige financiële tegemoetkoming van maximaal € 2.000,- in het kader van leerlingenvervoer voor de aanschaf van een elektrische fiets voor een leerling.
Bij het berekenen van de kosten van het vervoer waarop ouders anders aanspraak maken mag maximaal met een periode van drie jaar worden gerekend. Daarbij moet aannemelijk zijn dat gedurende deze periode daadwerkelijk aanspraak zou bestaan op een voorziening.
Er wordt van uitgegaan dat de elektrische fiets minimaal drie jaar gebruikt wordt. Als binnen drie jaar alsnog een andere vervoersvoorziening nodig blijkt (bijvoorbeeld taxivervoer) kan de financiële tegemoetkoming voor de elektrische fiets worden teruggevorderd, dan wel worden verrekend bij een eventuele nieuw verstrekte vervoersvoorziening.
De financiële tegemoetkoming wordt verstrekt op basis van een pro-forma factuur. Ouders schaffen zelf een elektrische fiets aan en tonen dit binnen een maand aan met een factuur.
Ouders zijn verantwoordelijk voor de elektrische fiets, inclusief alles wat daarbij hoort zoals onderhoud, het tegen diefstal en beschadiging beschermen en verzekeren van fiets en accu en het mogelijk maken van opladen van de accu.
De gemeente vergoedt niet de kosten van vervanging van fietsonderdelen zoals accu’s.
Hoofdstuk II
Artikel 12.
Financiële tegemoetkoming elektrische fiets
Onderdeel van Beleidsregels leerlingenvervoer gemeente Haarlemmermeer 2025