Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 11

Artikel 26

De rekening

Onderdeel van GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING BUREAU OPENBARE VERLICHTING LEK-MERWEDE

Het Algemeen Bestuur stelt de jaarstukken op een zodanig tijdstip vast dat toezending aan gedeputeerde staten voor 15 juli gewaarborgd kan worden. Het Dagelijks Bestuur zendt de jaarstukken uiterlijk 30 april – of zoveel eerder als nodig is voor behandeling in de raden van de gemeenten (rekening houdend met een zienswijzeperiode van 8 weken) - aan het Algemeen Bestuur en de raden van de gemeenten. Het Dagelijks Bestuur voegt daarbij een verslag van het onderzoek naar de deugdelijkheid van de rekening, ingesteld door de op grond van artikel 30 aangewezen registeraccountant. De raden kunnen omtrent de jaarstukken gedurende acht weken aan het Dagelijks Bestuur hun zienswijzen kenbaar maken met inbegrip van het voorstel tot bestemming van de winst of dekking van een verlies. Het Dagelijks Bestuur deelt schriftelijk en gemotiveerd aan de raden van de gemeenten mee wat het van de zienswijzen vindt en tot welke conclusie dat heeft geleid. Na vaststelling van de jaarstukken door het Algemeen Bestuur zendt het Dagelijks Bestuur de jaarstukken aan de raden van de gemeenten. De jaarstukken worden binnen twee weken na vaststelling door het Algemeen Bestuur, doch in ieder geval voor 15 juli van het jaar volgende op het jaar waarop de jaarrekening betrekking heeft, door het Dagelijks Bestuur aan Gedeputeerde Staten gezonden. Het besluit van het Algemeen Bestuur houdende vaststelling van de rekening strekt, voor zover het de daarin opgenomen baten en lasten betreft, het Dagelijks Bestuur tot decharge, behoudens later in rechten gebleken valsheid in bewijsstukken of andere onregelmatigheden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel