In deze verordening wordt verstaan onder:
aanvrager: degene die, al dan niet door tussenkomst van een uitvaartverzorger, opdracht geeft voor een begrafenis of plechtigheid, en die de uitgifte van een graf of urnenplaats verzoekt;
algemeen graf: een daarvoor aangewezen gedeelte van de begraafplaats van 1 x 2 m bestemd als graf, bij de gemeente in beheer, waarin de gelegenheid wordt geboden tot het doen begraven en begraven houden van stoffelijke overschotten;
asbus: een bus ter berging van as van een overledene;
begraafplaats(en): de gemeentelijke begraafplaats Achterambacht en begraafplaats Waalhof, die zijn bestemd voor de uitgifte en het beheer van graven of ruimten ter bijzetting van asbussen en de kennelijk daarbij behorende gronden en voorzieningen;
beheerder: de ambtenaar die belast is met de dagelijkse leiding van de begraafplaats en uitvaartcentrum of degene die hem vervangt;
college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht;
duurzame materialen: vaste, niet buigzame materialen van natuursteen, glas, hout, keramiek, kunststof en metaal die van nature of middels een daartoe speciale behandeling weerbestendig zijn, niet breukgevoelig en waarvan de constructie uit één geheel bestaat en waarvan de praktische toepasbaarheid zoals opnemen, verplaatsen en dergelijke gewaarborgd is;
foetus: een na een zwangerschapsduur van minder dan 24 weken levenloos ter wereld gekomen menselijke vrucht;
foetusveld: een daarvoor aangewezen gedeelte van de begraafplaats, bij de gemeente in beheer, waarin aan een ieder de gelegenheid wordt geboden tot het doen begraven van een foetus.
gebruiker: een natuurlijk persoon of rechtspersoon aan wie het gebruik van een grafruimte in een algemeen graf is verleend.
gedenkteken: een grafsteen, liggende of staande zerk, sierurn, sluitplaat of ander monument ter nagedachtenis aan een overledene.
graf: zandgraf of grafkelder.
grafakte: de beschikking waarin overeenkomstig de bepalingen van deze verordening door of namens de gemeente een grafrecht wordt verleend.
grafbedekking: gedenkteken of grafbeplanting op een graf.
grafkelder: een betonnen of gemetselde constructie waarin één of meerdere stoffelijke overschotten worden begraven of asbussen worden bijgezet.
grafrecht: het recht op het gebruik van een ruimte in een algemeen graf of een urnenplaats; hetzij het uitsluitend recht op een particulier graf.
onderhoudsrecht: een verplichte bijdrage in het algemeen onderhoud van de begraafplaats voor rechthebbende en gebruikers.
particulier graf: een daarvoor aangewezen gedeelte van de begraafplaats met een afmeting van 1 x 2 m; bestemd als graf of van 1,10 x 2,50 bestemd als grafkelder, waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot:
het doen begraven en begraven houden van stoffelijke overschotten.
het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urn.
het doen verstrooien van as. particulier kindergraf: een daarvoor aangewezen gedeelte van de begraafplaats van 0,70 x 1,70m, bestemd als graf, waarvoor aan een natuurlijk persoon of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot:
het doen begraven en begraven houden van stoffelijke overschotten van kinderen en jongeren tot en met 12 jaar.
het doen bijzetten en bijgezet houden van een asbus met of zonder urn van kinderen en jongeren tot en met 12 jaar.
particulier urnengraf/urnenplaats: een daarvoor aangewezen gedeelte van de begraafplaats maximaal 0,60 x 0,60m, waarvoor aan een natuurlijk persoon of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot het onder of bovengronds plaatsen van asbussen.
particuliere urnennis: een open of gesloten nis waarvoor aan een natuurlijk persoon of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen.
plaatsingsrecht: het recht tot het doen aanbrengen van een naamplaat op een herdenkingszerk die bij de gemeente in beheer is.
rechthebbende: een natuurlijk persoon of rechtspersoon aan wie het uitsluitend recht is verleend op een particulier graf, een particulier kindergraf, een particulier urnengraf, een particuliere urnenplaats, of een particuliere urnennis.
strooiveld: een plaats waarop as wordt verstrooid.
urn: een voorwerp ter berging van één of meer asbussen.
urnencolumbarium: een locatie waar urnen bovengronds in een urnennis kunnen worden bijgezet.
wet: de wet op de lijkbezorging en de daaruit voortvloeiende regelgeving.
Particulier graf: vassing van het bij of krachtens deze verordening bepaalde wordt, voor zover van belang onder 'particulier graf' mede verstaan: particulier kindergraf, particulier urnengraf, particuliere urnennis, en particuliere urnenplaats.
Hoofdstuk 1.
Artikel 1
Begripsomschrijvingen
Onderdeel van Verordening op het beheer van de begraafplaatsen Hendrik-Ido-Ambacht 2025