Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5 › Paragraaf 5.4

Artikel 5.4.13

Bomen en groen

Onderdeel van Handboek Kabels en Leidingen HW 2025

Werkzaamheden aan of bij bomen moet zo veel mogelijk worden vermeden (zie 4.4.2 Bomen en bijlage 2), Indien het toch onvermijdelijk is, dan wordt hierover altijd eerst vooraf overleg gevoerd met de toezichthouder en/of groenbeheerder. Enkel met toestemming van de toezichthouder of groenbeheerder kan er afgeweken worden. De uitvoeringseisen ten aanzien van werken aan en rond bomen worden gegeven in de meest recente versie van het Handboek Bomen. Het kappen van boomwortels mag uitsluitend met toestemming van de toezichthouder en/of groenbeheerder. In alle gevallen geldt dat wanneer er toch graafwerk onder de boomkroonprojectie uitgevoerd moet worden, dit uitsluitend handmatig wordt uitgevoerd en de boomwortels die dikker zijn dan 5 cm gespaard moeten blijven. Voorkom graafwerkzaamheden binnen de wortelpakket van de boom en voorkom wortelschade aan stabiliteitswortels van de boom. Er moet worden gehandeld overeenstemming met de voorschriften beschreven in de meest recente versie van het Handboek Bomen, uitgegeven door Norm Instituut Bomen. Volledige Handboek Bomen is op te vragen bij de vergunningverlener. De leidingexploitant is gedurende een jaar verantwoordelijk voor het voortbestaan van bomen waar hij met toestemming, binnen de kroonprojectie heeft gegraven. De boom dient na een jaar in vergelijkbare conditie te zijn als voordat de werkzaamheden uitgevoerd zijn. Als dit niet het geval is kan de leidingexploitant worden verplicht tot herplant van een qua soort en omvang vergelijkbare boom.

Rechtspraak bij dit artikel