Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Paragraaf 1.

Artikel 1.3

Begripsomschrijvingen

Onderdeel van BOPA-beleid gemeente Krimpenerwaard 2025

Voor de begripsomschrijvingen wordt verwezen naar Bijlage II, Hoofdstuk I, artikel 1 Besluit omgevingsrecht (Bor). In aanvulling op de begripsomschrijvingen van Bijlage II Bor: Achtererfgebied: het feitelijk achtererfgebied inclusief het deel van het perceel dat grenst aan openbaar gebied. Bebouwde kom: Voor het bepalen van de bebouwde kom is de feitelijke situatie en de aard van de omgeving van belang. Criteria die hierbij gehanteerd worden: waar houdt de bebouwing feitelijk (nagenoeg) op; de verkeerstechnische regeling uit de wegenverkeerswet heeft geen doorslaggevende betekenis; er is sprake van geconcentreerde bebouwing met een samenhangende structuur welke overwegend een woon- en verblijffunctie heeft; Intensief bebouwde dijk- en polderlinten kunnen beschouwd worden als bebouwde kom mits sprake is van dichte bebouwingsstructuur met overwegend een woon- en verblijfsfunctie; Kernwinkelgebied(en): Aaneengesloten gebieden in de kernen met een hoge concentratie aan detailhandel, horecaondernemingen en commerciële dienstverlening. Binnen de kernwinkelgebieden wordt gestreefd naar de optimale uitbouw van deze activiteiten. In de bestemmingsplannen hebben de kernwinkelgebieden veelal de bestemming ‘gemengde doeleinden’, ‘centrumgebied’ of ‘centrumdoeleinden’. Privacy: Een besluit mag niet in strijd zijn met artikel 50 Burgerlijk wetboek boek 5. Ruimtelijke motivering: Er moet aan een besluit een deugdelijke motivering ten grondslag liggen. Dat houdt in dat gemotiveerd moet worden waarom de ontwikkeling in planologisch opzicht aanvaardbaar is en er moet blijken dat een afweging is gemaakt van de met de ontwikkeling gemoeide belangen. De ruimtelijke motivering moet aansluiten bij de algemene afwegingscriteria.

Rechtspraak bij dit artikel