Naar hoofdinhoud
Het college stelt jaarlijks voor 1 december voorafgaande aan het subsidiejaar waarvoor subsidie wordt aangevraagd het volgende vast: de maximum uurprijs per kindplaats: onder te verdelen in een peuterplaats, een peuterplaats VE, een gewenning peuterplaats VE of SMI-plaats; de inkomensafhankelijke bijdrage, deze is gebaseerd op de VNG adviestabel ouderbijdrage peuteropvang; het subsidieplafond per subsidiabele activiteit. De maximum uurprijs voor de PM-er in de VE. De grondslag voor de subsidie is het werkelijk aantal bezette kindplaatsen en het werkelijk aantal uren dat hiervan gebruik is gemaakt. Het college subsidieert het werkelijk gehanteerde uurtarief door de houder, met een maximum van door het Rijk jaarlijkse vastgestelde fiscaal maximumtarief. Het college subsidieert de activiteiten zoals genoemd in artikel 7.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel