**1..** Een aanvraag wordt door het college geweigerd als:
de aanvrager en/of diens partner als vreemdeling niet rechtmatig verblijf houdt in Nederland in de zin van artikel 8 onder a tot en met e en l van de Vreemdelingenwet 2000;
de aanvrager zijn woning in de verkoop heeft ten tijde van het besluit op de aanvraag;
de woning – waarvoor de aanvraag is ingediend -volgens een bouwkundig adviseur van de gemeente reeds goed geïsoleerd is;
de aanvrager eerder een bijdrage heeft ontvangen op grond van deze Verordening voor aanpassingen aan zijn woning;
de aanvrager, de eventuele partner en inwonende minderjarige kinderen beschikken over een vermogen dat de vastgestelde inkomens- en/of vermogensgrens overschrijdt;
indien de woningaanpassingen primair een commercieel doel hebben of in strijd zijn met enig wettelijk voorschrift.
**2..** Het eerste lid, onderdeel a, is niet van toepassing als de aanvrager en diens partner als vreemdeling na rechtmatig verblijf te hebben gehouden in de zin van artikel 8 onder a tot en met e en l van de Vreemdelingenwet 2000, rechtmatig in Nederland verblijf heeft op grond van artikel 8, onder g of h van de Vreemdelingenwet 2000.
**3..** Indien een situatie zoals genoemd in lid 2 zich slechts ten aanzien van één van de partners voordoet, wordt de partner op wie het gestelde in lid 2 van toepassing is, bij de beoordeling of er aanspraak bestaat op woningaanpassingen buiten beschouwing gelaten.
Artikel 6.
Weigeringsgronden
Onderdeel van Verordening verduurzaming eigen woning minima Zwolle 2025