**1..** De gemeente kan een huisbezoek afleggen als geen opdracht voor de lijkbezorging is gegeven door nabestaanden op grond van artikel 21 (en later ook artikel 22) van de wlb, in combinatie met artikel 2 van de algemene wet op binnentreden. Voor het huisbezoek vindt altijd eerst een belangenafweging plaats tussen enerzijds de openbare orde en anderzijds de verantwoordelijkheid voor een correcte lijkbezorging en het respect voor en de wensen van de overledene.
**2..** De woonruimte van de overledene wordt alleen betreden door twee, daartoe door de burgemeester gemachtigde, medewerkers van de gemeente, in overleg met de eventuele verhuurder, mits de woonruimte niet door anderen bewoond wordt.
**3..** Het betreden van de woning is gericht op onderzoek naar documenten die leiden naar nabestaanden en aanwijzingen geven omtrent de lijkbezorging. Bovendien kan onderzoek gedaan worden naar geld en goederen waaruit de kosten van de lijkbezorging vergoed kunnen worden. De vormvoorschriften uit de algemene wet op het binnentreden worden bij het huisbezoek in acht genomen.
**4..** Tijdens het huisbezoek is ook aandacht voor eventuele onveilige situaties en eventuele huisdieren. Huisdieren aanwezig in de woning worden naar een veilige plek gebracht.
**5..** Indien geen nabestaande(n) of andere partij(en) zijn aangetroffen die de afwikkeling van een nalatenschap op zich kunnen of willen nemen wordt de nalatenschap gemeld bij het Rijksvastgoedbedrijf.