Naar hoofdinhoud
1.. De subsidieontvanger is verplicht om: van elke kennisbijeenkomst een kennisverslag te maken waarin een samenvatting van de bijeenkomst en de geformuleerde handelingsperspectieven zijn opgenomen, en waarin advies wordt gegeven over de wijze waarop bestaand en komend landbouwbeleid verbeterd zou kunnen worden. het kennisverslag openbaar voor eenieder beschikbaar te maken en actief te delen met agrariërs in dezelfde deelsector of aanverwante deelsectoren die geen deel uitmaken van het kennisnetwerk. Dit maximaal drie maanden nadat de bijeenkomst heeft plaatsgevonden. uiterlijk 6 maanden na afloop van de projectperiode een evaluatie- en activiteitenverslag over leggen aan provincie Utrecht, met daarin: een overzicht van het aantal daadwerkelijk georganiseerd bijeenkomsten; een presentielijst met alle deelnemers van elke bijeenkomst, waaruit tevens blijkt dat minstens 60% van de leden van het desbetreffende kennisnetwerk aanwezig was; de kennisverslagen per bijeenkomst of een link naar een webpagina waar deze te raadplegen zijn; een overzicht van de uitgevoerde communicatie buiten het kennisnetwerk; een evaluatie van de uitgevoerde activiteiten. 2.. Bij de subsidieverleningsbeschikking kunnen aan de subsidieontvanger ook andere verplichtingen worden opgelegd die strekken tot verwezenlijking van het doel van de subsidie. 3.. Als een subsidie is aangemerkt als toelaatbare staatssteun, moet de subsidieontvanger voldoen aan de voorwaarden die de Europese Commissie daaraan heeft gesteld. 4.. De subsidieontvanger is verplicht de activiteiten binnen 16 maanden na de subsidieverlening uit te voeren.

Rechtspraak bij dit artikel