Bijvoorbeeld dagverzorging, thuiszorg en hulp in de huishouding. De zorgvoorziening wordt bekostigd uit de Wet langdurige zorg (Wlz). Eigen bijdragen voor verstrekkingen op grond van de Wlz komen voor bijstandsverlening in aanmerking. De behoefte aan (extra) zorg kan gezien worden als een bijzondere omstandigheid. De Wlz en Zvw vergoeden alle noodzakelijke kosten die verband houden met medische of paramedische behandeling.
Beide regelingen gelden samen met betrekking tot de Participatiewet als voorliggende voorzieningen die passend en toereikend worden geacht. Bijstandsverlening voor deze kosten is daarom in beginsel uitgesloten. Hetzelfde geldt voor de huishoudelijke zorg die vergoedt wordt op grond van de Wmo.
Indien de voorliggende voorziening een bewuste beslissing heeft genomen over de noodzakelijkheid van de voorziening in het algemeen of in een specifieke situatie, dient de Participatiewet zich bij die keuze aan te sluiten en komt men ten aanzien van die kosten niet voor bijstandsverlening in aanmerking.
Wordt de voorziening - in het individuele geval - door de zorgverzekeraar wel noodzakelijk geacht, maar worden de kosten om budgettaire redenen niet of niet volledig vergoed, dan heeft het college de bevoegdheid (aanvullende) bijstand te verlenen voor zover die kosten door de voorliggende voorziening voor belanghebbende noodzakelijk worden geacht. De eigen bijdrage voortvloeiende uit de basisverzekering komt dus wel voor bijstandsverlening in aanmerking. De noodzaak van de te maken kosten staat dan vast.
Voor vormen van zorg en hulp die niet tot het Wlz- en basis-Zvw-pakket behoren en daar ook niet bewust zijn uitgelaten, omdat die niet noodzakelijk werden geacht, dient het college de noodzakelijkheid te beoordelen. Het college zal moeten beoordelen of belanghebbende aangewezen is op zorg of hulp. Hierbij gaat het in wezen om een individuele beoordeling van de situatie van belanghebbende.
Met uitzondering van de verschuldigde eigen bijdragen voor Wlz-zorgvoorzieningen is bewust geen beleid geformuleerd met betrekking tot het verlenen van bijzondere bijstand voor kosten zorg en hulp. In dit verband is het college van oordeel dat de voorliggende voorziening in principe passend en toereikend wordt geacht.
Kortom de eigen bijdragen op grond van de Wlz en voortvloeiende uit de basiszorgverzekering komen voor vergoeding in aanmerking.
Op deze voor bijstand in aanmerking komende kosten wordt de (eventueel) aanwezige draagkracht en het (eventueel) van toepassing zijnde drempelbedrag in mindering gebracht
Artikel 24.
Verzorging en hulp (B086)
Onderdeel van Richtlijnen bijzondere bijstand gemeente Weststellingwerf