Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6

Artikel 31

Inwilligen inleidend verzoek

Onderdeel van Referendumverordening Amsterdam

1.. Op basis van het advies van de Initiatief- en referendumcommissie als bedoeld in artikel 6, beslist de raad of een inleidend verzoek wordt ingewilligd. 2.. De raad kan besluiten dat de besluitvorming over het inwilligen van een inleidend verzoek eenmalig wordt uitgesteld naar de volgende vergadering. 3.. Een afvaardiging van de raad kan namens de raad in overleg treden met de initiatiefnemers om een compromis te bereiken. De termijn van besluitvorming kan met maximaal twee maanden worden uitgesteld in geval de raad van oordeel is dat er concreet uitzicht bestaat op een compromis tussen een afvaardiging van de raad en de initiatiefnemers. Indien de raad en de initiatiefnemers tot overeenstemming komen, trekken de initiatiefnemers hun inleidende verzoek in. De initiatiefnemers besluiten bij meerderheid. 4.. De raad plaatst een volksinitiatief waarvoor een inleidend verzoek is ingewilligd zo snel mogelijk maar in ieder geval binnen twee maanden op de agenda van zijn vergadering. De initiatiefnemers worden in de voorbereiding van de besluitvorming gehoord als bedoeld in artikel 29, eerste lid. 5.. Indien de raad het volksinitiatief aanneemt, eindigen de in deze verordening vastgelegde procedures. 6.. Indien de raad het volksinitiatief niet aanneemt, dan wel niet tot overeenstemming komt met de initiatiefnemers, dan kunnen de initiatiefnemers een definitief verzoek tot het houden van een referendum indienen. 7.. Wanneer een inleidend verzoek niet voldoende wordt ondersteund, vervalt het verzoek van rechtswege. 8.. De voor een inleidend verzoek verzamelde ondersteuningsverklaringen vervallen bij het inwilligen van het inleidende verzoek.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel